Vaderdag 2017


“Lieve Papa,

Daar ben ik weer! Het is vaderdag. Je had er nooit iets mee, te commercieel, maar ik voel aan dat je mijn blogs met brieven aan je wel waardeert daar zo hoog op je wolk. Dus ik kom weer even op de lijn.

Welke herinnering zal ik nu eens pakken? Ik dacht zelf aan “Eten”. Jaja, ik hoor je lachen en roepen, ‘Ja Schatzi, jij denkt altijd aan eten!’ Ja Mein Liebling dat was en dat is zo. Is daar waar jij bent nog eten? Nee zeker he? Wat zul jij dat missen dan. Alleen daarom zou ik dan liever niet overlijden, maak me dan maar onsterfelijk, dan kan ik lekker door blijven eten!

Ja wrijf het er nog maar even in, ik was als kind een beroerde eter. Ik lustte niet veel. Nou ja, ik lustte wel spaghetti, maar dan wel zonder kaas. Dat aten we zeker wekelijks en altijd bleef er een ruime portie over. Dan wist ik, de volgende dag kwam er iets met kaas in/over het eten, iets met vis, witte bonensoep, moussaka iets anders Bulgaars of zelfs lever. Met dat laatste kon je me het huis uit jagen, afschuwelijk vond ik dat, alleen de lucht al! Goed, als jullie dat aten en er was geen spaghetti meer, dan mocht ik bij Beppe eten of bij tante Josje en oom Vincent. Lustte ik geen Bulgaarse dingen, op vakantie naar familie in Bulgarije was dat moeilijk, maar waar we ook kwamen, iedereen maakte rustig spaghetti voor me. Niet altijd, want vaak at ik wel de aardappelen en de groente. Mama en jij hadden het idee dat ik dus een doorsnee Hollandse-kost eter zou worden.

Toch niet! In mijn puberjaren ontwikkelde mijn smaak zich wel verder en begon ik van alles lekker te vinden. Alleen de lever (en andere ingewanden) niet. Op school had ik in de eerste twee jaar kookles en ik begon dat mee te nemen naar huis. Van mama mocht ik vanaf mijn 15de om de zaterdag koken. In principe hielp ze niet, pas als ik er echt niet uit kwam. Het was zo dat ik zelf moest bedenken wat we aten en ik moest alleen aan jullie doorgeven wat ik nodig had, dan namen jullie dat mee bij de boodschappen. We hadden nog geen internet, dus ik ging met de regelmaat naar de bibliotheek en dan pikte ik lukraak een boek uit de stelling. Zo gebeurde het volgende dus. Ja, ik had iets met koffierecepten gepakt. Tot mijn verbazing werd er zelfs met koffie gekookt in een hoofdgerecht. Uiteraard, dat wilde ik testen, want dat was wel heel iets anders. Het was met lam, dat aten we nooit en mama zag het ook niet zitten door dat avontuur bij de familie van tante Wesna, de vrouw van oom Radoslav. Jij vond het echter wel grappig en vroeg me of ik 2 varianten wilde maken. Jij had lamsvlees geregeld en de andere was met kipfilet. Wat er nog bij kwam, mama leerde me om buiten de kaders van de recepten te gaan koken. Ik moest me niet te strak aan de hoeveelheden houden, en als ik dacht dat iets erin of erbij ook lekker kon zijn, dan mocht dat. Wel was er 1 ding, ik als kok moest altijd een maaltijd ervan opeten, ook als ik het niet lekker vond. Toch viel de lam met koffie enorm in de smaak! En voor mama dan met kip. Die heb ik ook geproefd, maar lam gaf net beetje extra.

Kijk, nu kom ik het punt van wie ik dat toch heb dat ik kan doorslaan in mijn enthousiasme. Ja pap, van jou! Jij sloeg door in je enthousiasme over mijn eten. Inmiddels was ik 27 jaar. Zo zaten we op een avond bij de Chinees en je zei aan de ober dat ik geen menukaart nodig had. Dat was ook zo, ik wist al wat ik wilde. Ik was namelijk niet zo gek meer op Chinees eten, dat had ik al te vaak gehad. Je liep even later naar voren, en toen je terug kwam zei je dat je de bestelling had gedaan. Mama vroeg of je voor haar de mihoen met kip had gedaan. Dat had je gedaan. Ik vroeg of je die ook voor mij had gedaan. Je keek me even vanonder je wenkbrauwen aan, gaf een glimlach en met een knipoog zei je, ‘Nee, voor jou niet! Jij gaat iets leren eten vanavond!’
De ober kwam eraan lopen, en zette een royale schaal op tafel… met… kikkerbillen! Dat wist ik nog niet en vroeg de ober wat het was. De ober zei, ‘Kikkerbillen mevrouw.’ Jullie schoten in de lach en ik keek bedenkelijk. Toch proefde ik en ik vond het lekker.

We aten van huis uit wel pittig, althans pittiger als bij anderen gedaan werd. Je kreeg me daarin mee. “Hoe heter, hoe beter!”, was ons motto. Samen een Spaanse peper eten, en die wordt steeds pittiger richting de steel. Om beurten namen we hap, en dan keken we elkaar aan. Dan zei ik tegen jou of jij tegen mij, ‘Valt mee…’ Het was soms best lastig mijn gezicht in de plooi te houden terwijl de vlammen me zo waar uit mijn oren sloegen.
Nog leuker was als we een ander lieten schrikken. Jij deed dat bij mijn ex-man Idsert: ‘Wil je van de geschroeide pepers die we hebben gemaakt, op olie en knoflook, proeven? Nee het is niet zo pittig. Dat zegt Dyez, maar die overdrijft altijd zo, dat weet je toch?’ Vervolgens nam Idsert een peper en stopte die in zijn mond. Hij werd rood, hij werd heel rood en het zweet brak hem uit, hij hapte naar adem en hij snoot direct zijn neus. Yeah, 1 punt voor ons! Wat hadden we dan een lol.

En die keer dat jij aan de beurt was. Ik had thuis sambal gemaakt en had een potje voor je meegenomen. Nee, ik zei niet dat ik het Madame Jeanette’s had gemaakt, dat zou je weldra gaan meemaken. Je liet mij echter voorproeven. Ik pakte een theelepel en nam een hapje uit de pot. Mijn pokerface hield ik perfect in de plooi, terwijl mijn nekharen rechtop stonden en de vlammen me weer uit de oren schoten. Je trok de keukela open en pakte een dessertlepel. Ik schrok en waarschuwde je dat een theelepel echt voldoende zou zijn. Je zuchtte eens en zei, ‘Eh ja Schatzi, ik doe het zo!’, en je nam de hap. Werkelijk, je wist niet waar je zoeken moest! Mama en ik schoten in de lach, ik had de bonuspunt dit keer gewonnen. Jij trok de broodtrommel open, want dat was jou remedie, brood! Je gaf toe, ik kon meer hebben dan jij, en je noemde me ook het draakje.

Wat trouwens ook zo grappig was pap, en daar had ik een sport van gemaakt, je “fruithapje” bij het televisie kijken. Jij pakte dan een appel, een sinaasappel, een peer of een perzik, wat er maar op de fruitschaal lag. Je vroeg of ik dan ook iets wilde en mijn antwoord was standaard, ‘Nee dankjewel.’ Jij begon het vervolgens plakken te snijden, of bij de sinaasappel, na het schillen de parten te pakken en ik hield mijn ogen op jou gericht. Je voelde het. Dan vroeg je, ‘Is er iets?’, en ik schudde mijn hoofd. Je ging verder, ‘Ik vroeg, jij wilde niet.’ en ik zei, ‘Nee, niet een hele, een stukje, maar een hele is te veel.’ ‘Nee, je krijgt niet van mij!’, zei je resoluut en ik zei allen, ‘Goed.’ Dan ging ik kijken van het fruit naar je mond en zei, ‘Ik ben blij dat het je zo lekker smaakt. Geniet ervan!’ Ja ik bleef kijken. Ja hoor, altijd gaf je een stukje! Vervolgens pakte je nog een stuk fruit en dat deelden we dan. Jij sneed en pelde en ik at mee. Het was wel altijd heel gezellig he pap?

Lustte ik vroeger te weinig, inmiddels is dat goed gekomen. Nou, alleen met orgaanvlees niet, dat vind ik echt afschuwelijk! Grappig is, spaghetti heb ik nog altijd als liefst. Niet in een restaurant trouwens, maar dat weet jij. Je zei eens toen ik weer heerlijk de slierten had genuttigd, ‘Snij het voortaan maar, in plaatst van dat je het alleen met de vork of met vork en lepel eet, want je ziet er uit alsof je uit een rampgebied komt lopen!’ Zo lekker subtiel ook pap!

Ach dit zijn maar een paar verhalen met eten. Dat lekker kunnen eten had ik heus niet van een vreemde, dat had ik van jou. Grappig, het lekkere koken heb ik van mama. Ja wat wil je dan, logisch toch dat ik graag aan eten denk. Maar echt niet “alleen maar”, dat overdrijf je. Zo, dan weten we nu ook van wie ik dat heb!

Tot een andere keer weer papa. Ik Hou Van Je!

Liefs, Dein Schatzi, je dochter,

Dyezzie

ps: Ik vond de volgende foto nog. Hier zaten we op het balkon geschroeide aubergines te ontvellen voor de Bulgaarse Kupalo.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.