Een Vluchteling In Huis

Van de week was het in het nieuws dat Bekende Nederlanders voor 1 nacht een vluchteling in huis namen. Erg lief en nobel, daar wil ik niemand om veroordelen. Hun bedoelingen zullen het allemaal goed zijn geweest. Nu ben ik geen Bekende Nederlander en mij is dus niets gevraagd. Was het wel het geval geweest, dan had ik niet mee gedaan. O heus, dan ben ik niet hard, want ik gun iedereen het liefste, het mooiste, het beste etc… Alleen zit er aan zoiets een ander verhaal.

Mijn vader komt uit Bulgarije. Bulgarije was tot 1990 een communistisch land. Nouja, na de val van de Berlijnse Muur in 1989 werd ook communistisch leider Todor Zjivkov na 25 jaar afgezet. Pas in 1990 werd de Volksrepubliek Bulgarije uitgeroepen tot Republiek Bulgarije en ging de democratisering van start.
Meerdere keren ben ik op familiebezoek geweest. De eerste keer was ik 10 jaar en Bulgarije maakte een diepe indruk op mij. Om te beginnen vond ik Nederland mooier. Wat ik daar mee bedoelde was dat Nederland schoner was. De huizen zagen er minder goed onderhouden uit als bij ons, de wegen waren slecht onderhouden en qua kleding van de Bulgaren waren wij wel rete-hip. Qua natuur kon Nederland weer niet tippen aan Bulgarije, dat vond ik dan ook wel. Waar ik van schrok, de armoede daar. Was ik dan nog maar 10 jaar de eerste keer, dat ontging me zeker niet. Opeens mocht ik dingen ook niet op straat doen die ik thuis wel deed. Zo moest ik al rustiger zijn. Als ik 1 van mijn ouders nodig had dan moest ik er heen lopen, roepen was niet gewenst. Constant werd je in de gaten gehouden, er liepen veel soldaten op straat en eigenlijk overal waar je kwam, die waren altijd in de buurt. Het was een keurslijf, zo voelde het.
Wat schrijnend was om te zien waren de rijen wachtenden voor de winkels. Arme mensen die in de rij stonden voor hun boodschappen. Mijn familie had het goed, dus met mijn opa liep ik voorbij de wachtrij zo de bakkerij binnen. Mijn opa was een voornaam dirigent geweest en werd als een goede vriend onthaald. Trots vertelde mijn opa aan de bakker dat ik zijn kleindochter was uit Nederland. Hierop mocht ik van de bakker een koekje uitkiezen uit de vitrine. Nee, ik wilde dat niet, want de rij buiten was zo lang en straks kwam de bakker nog te kort.
De mensen daar verdienden heel weinig en het was zwaar om te voorzien in hun levensonderhoud, dat begreep ik wel. In de jaren erna dat ik er was veranderde dat niet. Daardoor was ik blij als we weer thuis waren.

Natuurlijk kwam onze familie ook bij ons. Nederland maakte op hen een net zo’n diepe indruk als Bulgarije dat op mij had gedaan. Wat was het hier schoon en netjes, wat zagen de huizen en gebouwen er mooi uit. Er waren hier geen wachtrijen voor de winkels, ze konden er zo inlopen en er was genoeg van alles. Dit alles zonder soldaten op straat. Die vrijheid, dat vonden ze zo heerlijk! Voor hen erg verrassend. Vond ik de bergen daar geweldig, die misten zij niet eens. Ze genoten als ze bij ons waren volop van de vrijheid en eigenlijk de overdaat, want zo voelde het voor hen wel.

Wat ik bedoel te zeggen met het in huis halen van een vluchteling voor 1 nacht. Het is hartverwarmend, maar heeft de organisatie er dan niet aan gedacht dat ze weer terug moeten na die ene nacht? Ze mogen kijken, horen, proeven, voelen en ervaren hoe mooi het allemaal kan zijn, maar ze moeten toch echt weer terug naar het AZC de volgende dag. Het is namelijk niet voor velen weggelegd om zo ver te komen en het ook zo goed te krijgen. Dan is het toch keihard!

Mijn familie bleef dan vroeger voor 6 weken of soms 2 maanden bij ons, als ze hun visum hadden gekregen en naar ons toe mochten. Zelfs dan werden ze nog door het controlerende oog van Bulgarije in de gaten gehouden. Eigenlijk was dat wel harder, want dan maak je dingen nog bewuster mee. Na hun vakantie bij ons moesten ze dan weer terug. En geloof me, zij waren niet zo blij om weer thuis te zijn als ik dat wel was geweest!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.