Brief Aan: Lieve Beppe

Lieve Beppe,

Ja, ik schrijf je even een brief Beppe. Dat doe ik bij Papa ook inmiddels en ik weet en voel dat dat we dan weer even een connectie maken. Vandaag doe ik dat bij jou. Het is 2 juli, en dat is jou geboortedag. Je zou nu 108 jaar geworden zijn, je werd echter maar 75 jaar. Je overleed in 1984, toen ik 12 jaar oud was. Je overleed eigenlijk vrij onverwacht en ik heb geen afscheid van je kunnen nemen. Dat deed pijn, het voelde alsof mijn wereld in elkaar klapte en ik alleen over was gebleven. Op je twaalfde weet je nog te weinig, dus ik vond het toen zo verschrikkelijk oneerlijk!

Maar goed, dat was toen. We zijn inmiddels 33 jaar later. Met mij gaat het goed. Ja ik mis je nog wel eens, maar ik kan er wel mee leven, want ik weet dat je op een wolk in mijn buurt bent. Ik ben trouwens ook ontzettend dankbaar voor het feit dat ik je heb gekend! Dat heeft namelijk niet iedereen. Ik had dat voorrecht wel, en we hadden een intense vriendschappelijke band! Jij was erbij toen ik geboren werd. Mijn eerste officiĆ«le naam is de jouwe, ik ben naar mijn beide oma’s vernoemd. Op mijn tweede of derde jaar werd ik ernstig ziek en heb ik voor mijn leven moeten vechten. Dat heb ik gedaan en dat was het derde punt waardoor onze band nog sterker werd. Je was ontzettend trots op me, dat heb ik altijd gevoeld. Je verwende me ook schandalig. Zo kwam de speelgoedfolder in de bus en daarin stond een prachtige poppenwagen, daar zat ik dromerig naar te kijken. Je was zelf niet zo goed ter been meer en zei tegen tante Josje en oom Vincent, die toen bij je inwoonden, ‘Hier is geld, gaan jullie maar even die poppenwagen met haar halen!’

Je mag me dan schandalig verwend hebben, ik heb erg veel van je geleerd Beppe! Zo veel dingen van je aangenomen qua normen en waarden. Jij leerde mij bijvoorbeeld wat dankbaarheid is. Ik werd 9 jaar en jij was op mijn verjaardag toen mijn vriendinnetje van school ook kwam. Ik kreeg van haar een mok met daarop een kat, die op een tennisracket lag en daarboven stond een Friese tekst over tennis. Ik hield van katten, maar niet van tennis en nog minder van de Friese taal. Ik had haar echter vriendelijk bedankt, ‘Wat leuk, een kat!’ De volgende dag was ik bij je, en je zei, ‘Die mok was leuk, met die kat.’ Heel eerlijk zei ik dat ik de mok niet leuk vond, want ik hield niet van tennis en niet van de Friese taal. Verbaasd zei je: ‘Meen je dat nu? Ik dacht dat je die zo mooi vond! Eigenlijk voelde ik me schuldig en ik keek je aan en schudde van niet. Je legde je hand op de mijne en zei, ‘Zelfs ik heb niet gezien dat je hem niet mooi vond, dus hou je dankbaarheid! Mensen hebben wel moeite voor je gedaan en laat zien dat je dat waardeert!’

Dapper is trouwens ook iets. Ik was dus 12 jaar toen je overleed. Je had wel eens gezegd dat je de ruzies tussen je kinderen afschuwelijk vond. Je zei toen ook, “Als ik er op een dag niet meer ben, en er is nog onenigheid tussen mijn kinderen, wil je dan vragen of ze het goed maken voor ik begraven wordt? Ik wil vrede tussen mijn kinderen aan mijn graf!” Beppe, dat deed ik, met mijn 12 jaar, zo’n anderhalf uur nadat je overleden was. Dit meld ik niet om mezelf op de borst te slaan, ik wil jou dat schouderklopje geven, jij had me dat geleerd. Ik vond de kracht op dat moment en zei het tegen de 2 die ruzie hadden op dat moment. Jij had het me geleerd, ik had het je beloofd en ik deed het. Hoe mooi, al je kinderen stonden in vrede met elkaar bij je graf.

Verder lachten we wat af. Jij was de Beppe zoals men oma’s omschrijft, “Wel de lusten en niet de lasten!” We hadden zo veel lol samen, en toch ook hele serieuze gesprekken. Jij had me namelijk het een en ander verteld over je leven. Ik was 18 jaar toen tante Josje en mama eens iets vertelden over vroeger. Ik had hen aan gekeken en zei dat ik het al wist. Jij had me dat namelijk zelf al verteld, hoe jong ik ook was geweest. Ik wist van de minder leuke dingen die gebeurt waren in je leven en ook wie het betrof. Ja, ik wist al je geheimen, want bij mij was het vertrouwd.

Ik ging liever uit school naar jou toe, dan dat ik ging spelen bij een klasgenootje. Dat deed ik wel eens, maar voor ik naar huis ging fietste ik gerust nog even langs jou, om even zeggen dat ik leuk gespeeld had. Op woensdagmiddag ging mama ook altijd naar je toe. Ik ging direct na het eten al, en mama kwam rond een uurtje of half drie. Als het koud was buiten en ik kwam binnen dan deed ik mijn wanten uit, en dan deed jij je handen om de mijne. Vervolgens zei je dan dat het afwaswater nog een beetje warm was en dan stond ik even met mijn handen in het afwaswater tot ze weer lekker warm waren. Zou het daarom zijn Beppe dat ik nog graag afwas?
Tegen een uurtje of drie gingen mama en tante Josje naar de markt. Ik bleef liever bij jou, dan gingen we samen televisie kijken. Je haalde dan de snoepzak tevoorschijn en drukte me op het hart dat ik niets tegen mama en tante Josje mocht zeggen. Dat deed ik natuurlijk ook niet!
Verder praatten we heel veel, over vroeger, want dat vond ik het mooiste, hoe jij als kind was, maar ook hoe mama en tante Josje als kind waren en de andere ooms en tantes. Door het inscannen van de foto’s hoorde ik je opnieuw die verhalen vertellen. Wat ik altijd spannend vond waren de verhalen over de beide oorlogen die je had mee gemaakt. Nu ik dit laatste zo tik, bedenk ik me opeens, wellicht hielp ik je onbewust met het verwerken ervan. Ik vroeg er steeds weer om en jij vertelde het geduldig. We lachten ons rot als jij weer eens een Duitse soldaat nadeed, wat ik overigens weer van jou overnam.

Ach ja, en het televisie kijken. Veelal zaten we er doorheen te praten. Behalve bij mijn favoriete series, dan mocht jij ook niets van mij zeggen. Ja inderdaad, dat waren Maja de Bij en uiteraard Heidi! Ik zong erg graag de tunes mee en dan zat jij te genieten. Jij vond mijn gezang veel leuker dan die series als je het mij vraagt. Zodra de tune klaar was keek ik je dan nog even aan en deed mijn vinger voor mijn mond. Vanaf dat moment eiste ik stilte. Na het programma zei ik dan, ‘Ja, we mogen weer praten!’

Beppe, ik heb me altijd zo enorm vertrouwd, veilig, gewaardeerd en geliefd bij je gevoeld. Dat laat de kopfoto ook wel zien. Als ik bij jou, tante Josje en Oom Vincent logeerde was ik altijd als eerste wakker. We hadden de slaapkamerdeuren altijd open en zodra je wakker was riep je me zachtjes. Dan kroop ik naast je in bed, ging op je arm liggen en dan lagen we zachtjes te praten. De kopfoto laat ons zien tijdens ons middagdutje op de bank.
Je hebt me een enorme erfenis meegegeven voor de rest van mijn leven. Je was de eerste die permanent een woning kreeg in mijn hart na je overlijden. Er zijn in de jaren erna heel wat meer bij komen wonen. Dat betekend niet dat de appartementen in mijn hart steeds kleiner zijn geworden. Nee, het betekend dat mijn hart steeds groter is geworden! Dat heb ik ook van geleerd, “Sla het positieve op en wees dankbaar. Daar groeit een hart van.”

Lieve Beppe, bedankt voor alles. Ik Hou Van Je!

Liefs en een dikke tuut,
Je kleindochter Dyezzie”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.